Steun ons

Brusselse musea in 2020 & covid-19: 20 miljoen euro verlies en aantal bezoekers daalt met 58 %

De Covid-19 pandemie veroorzaakt een historische daling in het aantal museumbezoeken in Brussel, België en de rest van de wereld. Als de eerste culturele plaatsen die na de lockdown weer mochten opengaan, boden de musea ons de broodnodige ademruimte in deze tijden van fysiek en mentaal isolement. Achter de schermen dreigt de sector echter te verstikken.

2020 spaarde de musea niet met opeenvolgende sluitingen van 14 maart tot 18 mei en van 23 oktober tot 1 december, de annulering van evenementen, de vermindering van het educatief aanbod dat cruciaal is voor de democratisering van de cultuur, de noodzakelijke beperkingen op het aantal mensen per bezoek en de flagrante afwezigheid van toeristen uit het buitenland die zich vooral laat voelen in de instellingen gelegen in het centrum. Wat betreft de opkomst kunnen we spreken van een waar ramp met 2.100.000 bezoeken in 2020, dat wil zeggen 58% minder dan in 2019. Tijdens de heropeningsmaand in december telden de musea echter 152.000 bezoeken, een bemoedigende opkomst, met zelfs enkele musea die tijdens de wintervakantie "uitverkocht" waren. Ondanks de goede cijfers in december blijven we echter op min 53% ten opzichte van december 2019.

De musea met het grootste bezoekersverlies zijn de musea die over het algemeen veel toeristen ontvangen. Grote retrospectieven, niche tentoonstellingen of musea met een meer lokale verankering doen het over het algemeen beter.

Een stil sociaal drama

Voor veel mensen die in de sector werken zoals gidsen, culturele bemiddelaars, technici of scenografen speelt een stil sociaal drama zich in real time af, met soms abrupte en gedwongen beëindigingen van tijdelijke of freelance contracten. Om nog maar te zwijgen van de situaties van tijdelijke werkloosheid die zich sinds maart voordoen... Duidelijke perspectieven zijn er niet. De reacties op middellange en lange termijn laten op zich wachten. Deze onzekerheid delen ook de kunstenaars die hard door de crisis zijn getroffen, een crisis die de reeds bestaande structurele ongelijkheden en kwetsbaarheden in de sector duidelijk aan het licht brengt.

Economisch gezien wordt het financiële verlies van de Brusselse musea op ongeveer 20.000.000 euro geschat. Een allesbehalve rooskleurige toekomst met veel culturele plaatsen die, afhankelijk van hun financieringsstructuur, hun activiteiten al dan niet drastisch en langdurig zullen moeten kortwieken. Voor sommigen zal een definitieve sluiting de enige oplossing blijken.

Wanneer komt er een echt structureel overleg met de hele sector?

Geconfronteerd met deze alarmerende feiten toonden de musea zich enorm veerkrachtig en flexibel: veiligheidsmaatregelen in korte tijd opzetten en toepassen, bezoekerstrajecten herorganiseren, activiteiten digitaliseren, evenementen in kleine aantallen of virtueel herontwerpen... Ze stelden alles in het werk om de bezoeker in de meest veilige omstandigheden te ontvangen. Maar kunnen ze nog veel langer werken zonder vangnet? Kondigen absurde situaties zich aan zoals in de Verenigde Staten waar bepaalde instellingen eigen werken verkopen om te overleven? Willen we de plaatsen waar sociale banden, culturele uitwisseling en contemplatief plezier samenkomen van hun inhoud ontdoen? Hebben we hier niet te maken met basisbehoeften, vooral in tijden als deze?

De heropening van de musea biedt een boodschap van hoop in België, maar het is een fragiel herstel dat de pijnpunten van de sector alleen niet zal oplossen. We pleiten opnieuw voor echt overleg met de hele culturele sector, voor de ontwikkeling van een langetermijnvisie. De alles-of-niets-logica, tussen openen en sluiten, is geen aanvaardbaar perspectief. Onze sector heeft structurele en langdurige financiële steun van de overheid nodig. Zonder dit zal onze sector, die zo menselijk essentieel is, geen goede gezondheid (her)vinden.